Het welzijn van de mens staat centraal in onze missie. In onze samenleving zorgen we er samen voor, dat elke Brunssumer mee kan doen, voldoende kansen krijgt en vooruit komt. Ongeacht zijn of haar achtergrond, overtuiging, seksuele geaardheid, geloof, fysieke conditie of financiële situatie, moet ieder mens of kind serieus genomen worden, zich gezien en gehoord voelen. Samen zorgen we voor een sociale basis en dragen we bij aan de gemeenschap.
De gemeente speelt een belangrijke sleutelrol als het gaat om het welzijn van mensen van jong tot oud. De gemeente moet kracht bijzetten als het gaat om een sociale basis. Mensen moeten meer naar elkaar omzien, alleen dan ontstaat verbondenheid met elkaar en het gevoel van wij-samen.
Eenzaamheid, isolement en gevoelens van onveiligheid kunnen niet worden getolereerd en moeten proactief worden aangepakt.
De gemeente is verantwoordelijk voor het informeren van burgers over beschikbare diensten en voorzieningen. Daarnaast is het van belang dat mensen goed geïnformeerd worden over voorzieningen en worden ondersteund op maat als dat nodig is. Iedere burger die om hulp vraagt, moet op een juiste menswaardige wijze en vanuit de leefwereld van deze burger worden geholpen, en door de voordeur.
Het PAK zet in op de volgende zaken:
- Iedere hulpvraag moet via dezelfde voordeur. Van daaruit moet er een goede verkenning zijn op de hulpvraag van de burger. Is dit de vraag van de burger, of ligt de vraag dieper, bijv. vanuit armoede. Een burger moet zijn klantreis kunnen volgen in de online omgeving van de gemeente. Daarnaast krijgt de burger een medewerker die zijn of haar contactpersoon blijft gedurende de klantreis.
- De leefwereld komt centraal te staan. Wat leeft er bij deze burger? Wat is de vraag achter de vraag? Hoe ziet de leefwereld eruit? Wat heeft de burger nodig om vooruit te komen?
- De herijking van het sociaal domein en de programma’s noord en oost, moeten inzetten op het uitproberen van wat werkt en wat niet werkt. Kennisdeling tussen burgers met ervaringsdeskundigen is van essentiële waarde om in de leefwereld oplossingen in te regelen.
- Iedere burger die gebruik maakt van een voorziening binnen het sociaal domein (bijv. participatie, Wmo en jeugd) moet ondervinden dat de hulpvraag in samenspraak is onderzocht, dat de burger gezien en gehoord is. Dat de ingezette hulp bijdraagt aan geluk, welbevinden en meer zelfredzaamheid.
- De gemeente moet meer zicht krijgen op het gehele landschap. Zo ook welke partner, met welke doelen, doet wat in de klantreis, waarbij de gemeente naast casusregisseur ook moet inzetten op procesregie om de belangen van de burger meer te borgen en dat de juiste zorg geleverd wordt zoals afgesproken.
- Elke inwoner moet de nodige hulp ontvangen, met ondersteuning om de inwoner terug in zijn kracht te zetten en zelfredzaamheid wordt vergroot.
- Iedere hulpvraag is maatwerk als je deze vanuit de leefwereld van de mens oppakt. Dit vraagt om een andere aanpak en werkwijze dan tot nu toe gebruikelijk is.
- Dat zorg betaalbaar blijft. Daartoe moet gerichter de vraag van de inwoner worden uitgediept en nieuwe paden worden verkend.
- Het is belangrijk dat ouder wordende mensen zo lang mogelijk in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen met ondersteuning van groepskracht, buurtkracht of gemeentekracht.
- Inzetten op positieve gezondheid, vitaliteit en reablement
- Er moet worden ingezet op het doorbreken van achterstandsdenken in beleid.
- Kom op de Kerst continueren en te onderzoeken of de vorm op een andere wijze moet plaatsvinden. Deels voor verder inzet voor het ondervangen van eenzaamheid, deels koppelen aan met lopende lokale initiatieven in relatie tot armoede en eenzaamheid.
- Initiatieven om eenzaamheid te bestrijden moeten actief worden ondersteund. Er moet meer zicht komen op de omvang van eenzaamheid in Brunssum.
- De participatie die is gerealiseerd in de Nota Raadscommunicatie moet blijvend worden aangemoedigd.
- De seniorenraad moet een belangrijk adviesorgaan blijven en meegaan met de Herijking van het Sociaal Domein, met aandacht voor wonen, welzijn en zorg, gezondheid en betrokkenheid. Ze moeten blijvend opstaan voor de doelgroep die past bij hun raad.
- ‘Kom op de Kerst’ continueren en te onderzoeken of vorm op een andere wijze moet plaatsvinden. Deels voor verder inzet voor het ondervangen van eenzaamheid, deels koppelen aan lopende lokale initiatieven in relatie tot armoede en eenzaamheid.
- Ouderen moeten worden betrokken bij het dagelijks leven en hun levenservaring benutten om deze te delen met anderen.
- Ondersteuning op basis van de WMO, Jeugdwet en Participatiewet mag niet stoppen door financiële tegenvallers.
- In iedere wijk moeten er wijkpunten zijn voor ontmoeten, verbinden en om vragen te stellen of problemen kenbaar te maken. Ook moet er in wijken gerichte ondersteuning zijn op welzijn en veiligheid.
- Armoedebeleid moet geen versnippering zijn van 25 losse vormen, maar een beleid dat kijkt naar de leefgebieden om de mens heen om deze zo goed mogelijk te ondersteunen. Het is goed vanuit de transitie dat het college de uitdaging aangaat, om daadwerkelijk het leven vanuit armoede te ondervinden.
- Inclusie: sociale, digitale en fysieke toegankelijkheid moet centraal staan bij nieuw beleid.
- De locatie KansKracht moet duurzaam geborgd worden als onderdeel van de sociale basis van, voor en door kinderen en voor ouder(s)/verzorger(s) met inzet van de gemeenschap.
- Verenigingen en wijkteams moeten gemakkelijk toegang hebben tot subsidie, met heldere criteria. Daarnaast moeten ze een gerichte bijdrage leveren aan de sociale basis.
- Te onderzoeken of hulp bij het huishouden in diverse varianten kan worden ingeregeld zodat het tegenmoet komt aan de vraag diversiteit van inwoners.
- Tussen KansKracht en de Talentenhub moet een goede verbinding worden aangebracht.
- Vrijwillige inzet van mensen is het cement van de samenleving. Gericht ondersteu-nen, verbinding aanbrengen en zoeken naar nieuwe kansen is van essentiële waarde voor de sociale basis. Bijvoorbeeld inwoners die niet in staat zijn om werk te verrich-ten, kunnen wel incidenteel zich vrijwillig inzetten door het delen van hun ervaringen en kennis met anderen, zonder dat hun bestaansrecht wordt aangetast.
- Er moet meer zicht komen op wie is deze mantelzorger, wat beweegt hem of haar, wat heeft de mantelzorger nodig om de zorg voor de ander zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen?
- Er moeten meer ontmoetingsplekken in wijken komen van jong tot oud, bijvoorbeeld: jeugdhonken, social sofa’s in wijken, picknicken in het Vijverpark, social café, etc.
- Er moet voldoende personeel zijn om de continuïteit van taken in het sociaal domein te waarborgen. Dat betekent niet opstapelen van menskracht, maar ook tijdig bijsturen op innovaties om wachtlijsten en triage anders vorm te geven.
- Sportfaciliteiten moeten toegankelijk zijn voor de gehele wijk.
- Speelplaatsen moeten veilig zijn en regelmatig gecontroleerd worden.
- Er moet een platform of middel komen, zodat alle Brunssumers kunnen zien welk sociaal- maatschappelijk aanbod beschikbaar is in Brunssum of in een wij.
- Een pilot of burgervragen en burgeraanbod vanuit incidentele vrijwillige inzet in wijken beter bij elkaar kunnen worden gebracht.
We streven naar een Brunssum waarin iedereen zich thuis voelt, vooruitkomt en niet tussen wal en schip valt.

Distelenveld. foto PAK